15-12-14

"Broere : de oudste, de stilste, de echtste, de verste, de liefste, de snelste, en ik" van Bart Moeyaert - recensie Katherine Muylaert

Broere : de oudste, de stilste, de echtste, de verste, de liefste, de snelste, en ikBroere : de oudste, de stilste, de echtste, de verste, de liefste, de snelste, en ik by Bart Moeyaert
My rating: 5 of 5 stars

'Broere' is een boek om heerlijk bij weg te dromen. Het laat je lezend terugreizen naar lang vervlogen tijden van kwajongensstreken en kattenkwaad, naar een tijd waarin kinderen nog kind mochten zijn. De melancholie viert hoogtij, de glimlach verdwijnt geen seconde van je lippen. Ik wenste bijna dat ik zelf zes broers had, ook al had ik met die ene van mij al genoeg te stellen.

Bart Moeyaert vertelt in 'Broere' over zijn jeugd met zes broers. De ondertitel licht meteen een tipje van de sluier op: 'de oudste, de stilste, de echtste, de verste, de liefste, de snelste en ik'. Als jongste is Bart vaak het buitenbeentje, de kleinste die alles nog niet zo goed begrijpt, maar die er o zo graag wil bij horen. Zo vertelt hij in het verhaal 'Verdriet' hoe hij nooit wint bij spelletjes, want de ene broer kan het langst zijn adem inhouden, een andere broer loopt het snelst de trap op, een derde kan het beste notenkraken en nog een andere kan het snelste eten. Tot die dag dat hij dan toch eens als eerste iets weet. Hij springt op en neer, juicht, is dolgelukkig. Desondanks wordt hij niet gevierd. Terwijl hij toch de eerste was die wist dat Memee dood was.
Even vaak echter zijn de zeven broers heel hecht, zijn ze zelfs 'één broer met een lange naam', 'één broer met veertien armen en benen'. Van het leeftijdsverschil is meestal niet veel te merken, ze doen veel samen, en komen voor mekaar op. Veel verhalen zijn dan ook in de we-vorm geschreven.
Uit 'Het beest': Mijn broer zei dat we samen sterk waren, en dat was prettig om te horen. Niemand voelde zich een held in zijn eentje. Ons vlees groeide ter plekke aan elkaar, zodat we op den duur als één broer onder de tafel zaten, en met ingehouden adem in het donker tuurden.

Ze delen niet alleen hun zucht naar avontuur en ontdekkingen, maar ook hun bewondering voor hun vader en vooral voor hun moeder. Deze adoratie is ontegensprekelijk aanwezig doorheen het hele boek, zonder echter ook maar een moment sentimenteel te worden.
Uit 'Verlies': Ik keek mijn broers na, hoe ze uit het zicht verdwenen. Hun plezier maakte mijn gedachten donker en van het mopperige soort. Ik won nooit wat, ik was nooit eens de eerste, zulke gedachten kreeg ik. Mijn moeder had oog voor wat je niet kon zien. Ze aaide me over het hoofd en zei: 'Zullen we doen wie het eerst bij de zuster is?' Ze zette het al op een lopen, maar dat ging niet goed. Ze had haar slippers voor binnen nog aan, en lachte te hard, zodat ze geen adem meer over had voor snelheid. Ik won van haar, kinderspel..
Uit 'Godzegentje': Onze moeder sloeg de geuren op. Als ze ons voor het slapengaan een kruisje gaf, en nog even met haar wijsvinger over onze wang aaide, herinnerde haar hand ons aan de voorbije dag. Aan haar hand hing de lucht van geschilde uien, en daarvan kwam het stoofvlees weer op tafel. Door de zweem van boenwas herinnerden we ons hoe het huis had geroken toen we uit school kwamen. De geur van de Spaanse zeep die ze altijd van dezelfde buurvrouw kreeg, en ondanks die buurvrouw heel lekker vond, deed ons eraan denken dat we vanavond in de keuken lang tegen haar aan hadden geleund, maar eigenlijk niet lang genoeg.

Elk verhaal is een literair pareltje. In zijn onnavolgbare eenvoudige poëtische stijl trekt Bart Moeyaert je pagina na pagina mee. En toch is het eigenlijk geen pageturner. Daarvoor is het te mooi, het is een boek dat je met mate moet degusteren, zodat je er héél lang over kan doen.


View all my reviews

25-11-14

Geselecteerde gedichten "De schuilkelders van de poëzie, Kerstbestand 1914-2014" bekend gemaakt!


De schuilkelders van de poëzie, 1914-2014 - een selectie

Vzw de Scriptomanen organiseerde in samenwerking met de Afdelingen Literaire Creatie en Voordracht van de Academie voor Podiumkunsten Aalst een poëziewedstrijd, naar aanleiding van 100 Jaar Kerstbestand Eerste Wereldoorlog, en met als thema ‘Oorlog & Vrede’. Werden verwacht: maximum drie ongepubliceerde gedichten. De jury bestond uit de cursisten Literaire Creatie, met docent Patrick Bernauw als voorzitter.

Het (hier gratis downloadbare) ebook bevat een selectie van de ingezonden gedichten, waaruit uiteindelijk een laureaat gekozen werd. In alfabetische volgorde werden geselecteerd:

Geert Jan Beeckman
Niels Blomberg
Anne Cockaerts
Patrick Cornillie
Kris De Lameillieure
Hervé Deleu
Huib Fens
Laurens Hoevenaren
Edward Hoornaert
Dries Ketels
Jeanet Kingma
Leen Pil
Yanne Ryon
Gerard Scharn
Mario van Brakel
Bert van Geel

Van een aantal geselecteerde gedichten maken de leerlingen Voordracht van Mirjam Van Lith – zijnde Jake Piron, Patrice Nkusi, Lotte De Cock, Stien Taeleman, Ine De Man, Ineke Van Wambeke, Achille Stuckens en Jules Delafontaine – enkele audio en video clips. Patrick Bernauw en Jeroen Bernaer staan samen met Mirjam Van Lith in voor opname, montage en regie. De clips zullen op 24 december gelanceerd en uitgezonden worden via Youtube, Facebook (de pagina De Schuilkelders van de Poëzie), Soundcloud en Bandcamp. Tegelijk zal dan ook de definitieve versie van dit ebook verschijnen, waarin de laureaat bekend gemaakt wordt. Aan de winnaar of winnares van de wedstrijd zal vzw de Scriptomanen een contract aanbieden voor de uitgave van een dichtbundel als POD (Printing On Demand) en ebook, volgens de bij de uitgeverij gebruikelijke voorwaarden. Bovendien zal ook weer een selectie uit de gedichten ten gehore gebracht worden tijdens het Woordweekend in Aalst, op 31 januari 2015, in het kader van de Poëzieweek, door dezelfde jonge voordrachtkunstenaars –en kunstenaressen.

Vzw de Scriptomanen wil zich inderdaad volop profileren als “een digitale uitgever van de 21ste eeuw”, die ook volop inzet op het uitgeven en promoten van de poëzie. Dit kan op de geijkte wijze, door middel van de uitgave van een dichtbundel (zij het wel in de POD-formule) – maar ook met een ebook, dat verspreid wordt via alle grote kanalen en winkels: iBookstore Apple, Kobo/Bol.com, Standaard Boekhandel, Bruna, Libris, Cosmox, Scribd, Barnes & Noble, enz… Het kan bovendien door volop gebruik te maken van alle tools van dit digitale tijdperk, via de sociale media, met podcast en clips, of door het organiseren van originele live events & flashmobs.

Wij wensen u veel poëtisch lees-, kijk- en luisterplezier.

Patrick Bernauw


Gratis te lezen:





Neem hier een ebook-abonnement op Scribd (gedurende 2 maanden gratis en daarna makkelijk opzegbaar).

13-11-14

Een wak madeleintje - Yannick Moulin


Met eindeloos geduld wachtte Theofiel op een dag die al voorbij was. Hij nam het theekopje vast, zijn hand trilde. Hij zette het maar terug neer. Dit was niet het moment voor gestuntel. Niet morsen. Een vlek op z'n pak zou een smet op z'n ziel zijn.
Half vier. Vier uur had Elisa gezegd. Van nu tot dan leek zo onpeilbaar lang dat alleen meer wachten de verveling kon verdrijven.
Gisteren had hij het hele huis afgezocht naar iets om aan te doen. Hij had al jaren geen kleren meer moeten kiezen. Hij nam meestal gewoon wat bovenaan de stapel lag. In een krakende lade had hij een stuk stof ontdekt waar generaties motten zich tegoed aan hadden gedaan. Zijn oude maatpak. Kreuken kabbelden op het muffe katoen, en in het wollen colbert gaapten tientallen gaten.
Het werd dus winkelen. Schuifelen, wandelstok in de hand, langs neonpanelen met Zweedse merken en etalages met blote lingerie. Niets mee te maken. Hij wist precies waar hij moest zijn. Net om de hoek van de Vismarkt en de Craenendonck. Een statige boetiek, een vitrine van gebogen vensterglas met protserige Art-Nouveaumotieven. Daarboven een koperen plaat met een naald en een bobijn, en een gravure zoals men ze tegenwoordig niet meer maakt:

Bossemans et Cie
Maître couturier

Eva zou daar staan. Ze werkte er. Eva kende hem; wist altijd precies wat hij wou zonder het hem te vragen. Ze keek recht door zijn kleren heen, zoals het een goede winkeljuffrouw betaamde. Maar niet op een schunnige manier. Neenee. Zij kende gewoon perfect zijn maat.
Soms, soms had hij verlangd naar die andere manier van kijken. Naar hoe ze hem zou uitkleden met haar ogen. Handen die zijn hemd openden, knopen in het rond. Het was een frivoliteit, een onnozele fantasie zoals mannen er wel elke dag één hebben, en vrouwen daar al even vaak kwaad om worden. Over elke vrouw op aarde worden wel duizend dagdromen gedroomd, elk een kluwen van verhaallijnen, van onuitspreekbaar tot onschuldig, om een man zijn dagelijkse gemoedsrust te schenken. Daarom kwam hij telkens opnieuw naar deze boetiek. Om zijn dromen te spekken en om zijn lust te dempen.
Hij stapte om de hoek van de Vismarkt en de Craenendonck, en keek uit op een verweerde etalage. Een hoopje pleisterstof lag onder een dichtgetimmerd venster. De wind hitste het op, en het verdween in de voegen van de gebarsten trottoirtegels.
Een vitrineraam van gebroken glas, een gapende muil waar de tijd er vat op had gehad. De wind huilde om vergane glorie. Woorden, geschreven in de vingerdikke laag stof op het raam. Jade, wanne fuck u. Kevin loves Dries. Dit kon niet waar zijn.
Stel... zou hij zich van straat vergist hebben? Of wacht...was hij verkeerd gelopen? Theofiel dacht na, koortsachtig zoekend naar dat ene moment waarop hij misschien links afgeslagen was in plaats van rechts, of waarop hij de boetiek voorbij gewandeld was. Er was niets meer in zijn hoofd. Hij wankelde, ondersteunde zijn slaap met zijn verweerde hand. Toen keek hij op.
Boven het glas prijkten 4 kraters van verpulverd pleisterwerk. In het midden, een opschrift in negatief:


Bossemans et Cie
Maître couturier

Theofiel staarde wezenloos voor zich uit en keerde dan op zijn stappen terug. Bossemans, failliet! Dat kwam vast door die plastieken bikini’s en blote hippiebloesjes waar veel te jonge meisjes tegenwoordig mee over straat flaneerden. Oerdegelijke kwaliteit? Daar wilden de mensen niet meer voor betalen.
Per lopende meter verschool Theofiel zich dieper in zijn herinneringen. Hij dwaalde af naar die vergeelde ansichtkaart van zijn jeugd waarop een kerk, een kar met paard en slagerij J. Van Acker het penseel van Permeke verrieden. Hij knikkerde met zijn vriendjes, speelde verstoppertje en trok aan de vlechtjes van een lelijk meisje dat aan het hinkelen was. Ze viel, begon te huilen. Tien punten! Een torenvalk scheerde boven de oude schuur van zijn opa. Hij miste zijn papa en diens creatieve opvoedingsmethodes na een zoveelste Geuze.
Theofiel aarzelde. Wat deed hij hier nu weer? Ah ja, een pak. Hij ging een pak kopen. Voor Elisa. Hij kocht zich een pak. Grijs, met manchetknopen. Uit zo’n Zweedse keten, ja. Geen toonbeeld van elegantie, maar hij zou Elisa een royale fles reukwater cadeau doen bij wijze van tegemoetkoming.
Half vijf. Theofiel pakte het theekopje opnieuw op. Hij nam een slokje van de lauwe thee. Oolong first flush, duur spul. Lipton, dat dronk hij gewoonlijk. Meestal vergat hij dan het zakje eruit te halen, waardoor het drankje naar levertraan smaakte. Maar als Elisa kwam, was enkel het beste goed genoeg. Ze werd graag verrast. Dan blonken haar ogen.
Vijf uur. Hij nam een madeleine en roerde er met langzame halen mee in zijn thee. Het koekje werd nat, dan wak, dan drab. Waar bleef ze toch?

Zijn ogen dwaalden af naar de buffetkast, waar een vrouw hem aankeek. Rimpels en wallen. Op geen enkele manier anders dan de andere oude vrouwen. Ze had poedelkrullen, overrijp besmeurde lippen en meer ringen dan vingers. Haar foto werd verstikt door een zwarte rand, verminkt door een kruisteken. Hij kende haar naam, ze heette… of toch niet. Vreemd, daarnet wist hij het nog. Hij kauwde de seconden weg. Zijn thee werd sterk, dan bitter. Haar thee werd slechts koud.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...